Strategie & visie
Taal voor op de heidag, in het jaarplan en op de slides van de directie.
40 uitdrukkingen
- “Piketpaaltjes slaan” Grenzen afspreken voordat er gewerkt wordt. Over die grenzen wordt daarna vergaderd.
- “Het project afkaderen” Het project kleiner maken, zodat het mislukken minder opvalt.
- “Het moet nog uitkristalliseren” Het plan is vaag en dat blijft het nog wel even.
- “Die kansen moeten we uitnutten” Gebruiken, maar dan met extra lettergrepen.
- “Het traject aanjagen” Iemand anders laten rennen.
- “Het verandertraject” Een reorganisatie met een projectnaam en een logo.
- “Een vertaalslag maken” Uitleggen wat de directie bedoelde. Niemand weet het precies.
- “Koers houden” Doorgaan op de ingeslagen weg, ook nu duidelijk is dat het de verkeerde is.
- “Doorpakken” Iets snel doen, voordat iemand er vragen over stelt.
- “Het moet nog even landen” Niemand snapt het besluit, maar we geven het tijd.
- “Hoog over” Zonder details, zodat niemand kan zeggen dat het niet klopt.
- “Meer doen met minder handjes” Bezuinigen, met een verkleinwoord zodat het minder pijn doet.
- “De verbetercyclus” Een cirkeltje op een slide. Je komt altijd weer bij het begin uit.
- “Onze interne klanten” Je collega's van een andere afdeling, die nu mogen klagen alsof ze betalen.
- “Dat moeten we doorleven” Niemand weet wat het betekent, dus niemand kan zeggen dat het niet gelukt is.
- “Dit project moeten we snel uitrollen” Iets lanceren dat nog niet af is.
- “Een traject optuigen” Een klusje van een middag omtoveren tot een project met een stuurgroep.
- “Integraal werken” Iedereen moet met iedereen overleggen, dus niemand kan nog iets beslissen.
- “De hybride werkvloer” Op kantoor is geen bureau vrij en thuis is geen rust.
- “De regierol pakken” Zelf niets doen, maar wel bepalen wat anderen doen.
- “Terug naar de corebusiness” We stoppen met alles wat vorig jaar nog "strategisch" heette.
- “Dat moeten we borgen” Er moet een document komen dat daarna niemand meer leest.
- “Processen stroomlijnen” Er gaan mensen weg.
- “Toegevoegde waarde creëren” Aantonen dat je eigen afdeling bestaansrecht heeft.
- “Een kwaliteitsslag maken” Het was niet goed, maar dat zeggen we niet hardop.
- “De organisatie kantelen” Het organogram wordt opnieuw getekend. Bovenaan staan dezelfde mensen.
- “Een nieuw paradigma” Iets veranderen, maar dan met een woord dat niemand buiten kantoor gebruikt.
- “We moeten ombuigen” Bezuinigen. Maar ombuigen klinkt alsof er iets moois uit komt.
- “Omdenken” Een probleem net zo lang bekijken tot het een kans lijkt. Het probleem blijft gewoon bestaan.
- “Een stip op de horizon” Een doel dat zo ver weg ligt dat niemand er ooit op afgerekend kan worden.
- “De klant staat centraal” Staat in elke strategie. Niet in de wachtrij van de klantenservice.
- “Toekomstproof” We hebben er "2030" achter gezet.
- “Datagedreven werken” We hebben een dashboard dat niemand bekijkt.
- “We gaan de strategie herijken” Het vorige plan is mislukt, maar zo noemen we dat niet.
- “Er moet een slag gemaakt worden” Er moet iets gebeuren. Niemand weet wat.
- “Kaders scheppen” Regels maken waarbinnen niemand meer iets mag.
- “Dit is een speerpunt” Er zijn er dit jaar veertien.
- “Een visie neerzetten” Een PowerPoint met veel foto's van bergtoppen en zonsopgangen.
- “Ambitieus maar realistisch” Onhaalbaar.
- “Een transitie doormaken” Een reorganisatie, maar dan met een mooier woord.